huiswaarts huiswaarts vroeger mailtje sturen


Thursday, January 8, 2004

Het lijstje
Alleen op kantoor, bijna geen ruk te doen.
Eind van de dag. Nog even..... Laat een boer, maar ben toch de laatste; mep mezelf.

Prodigy CD al 3x gehoord; moet het hebben van de mood changes met RTL FM.
Flappie van Youp. Topcabaret; rillingen met tranen.
Ik heb het koud; ik trek m'n fleece aan. Hoop dat er niemand binnen komt. Zo'n pak met fleece staat nogal gestoord.
Ik word op m'n wenken bediend; één of andere marketingmiep komt binnen.
Niemand dus. Met een wereldfiguur; had haar laatst in de sportschool ontmoet. Toen vertelde ze me dat haar wereld overhoop lag. 3 maanden geleden gedumpt door haar vriend.

Blijkens haar verhaal is ze zo'n type raschaoot en wordt ze geleefd door haar eigengemaakte lijstjes die nooit af of op zijn. Op haar lijstje stonden een huis, een auto, een vriend, een huwelijk en een kind.
Haar lijstje klopt niet meer. Ik zie grote grote bruine ogen; ze zeggen: flight or fuck
Is ze echt zo "on the edge"?

Een trilling in haar stem. Ze probeert zoetgevooisd te praten. Maar ik hoor alleen een kraaietoon. Van te veel huilen en drank. Achter de huig is haar stem hoog en koud van toon.
`Of ze m'n printer mag gebruiken. Om een lijstje te af te drukken'.

Dat wereldfiguur.... Rustig blijven... kijk weg, en denk aan d'r stem.
"Tuurlijk; ga je gang".
Met senioriteit. Ik hoop niet dat ze m'n warme stem verkeerd begrijpt. Had ik die kutfleece nu maar niet aangedaan; maakt je zo aaibaar. Wat is het toch verleidelijk. Niet alleen zij, maar iemand die zo kwetsbaar is.
Liesje met d'r lijsje.

D'r pupillen worden kleiner. Gelukkig. Of ik geen deadline heb?
Fout; hoor je te vragen voordat je vraagt of je mag printen.
Nee hoor. Zoek gerust verder.
Heerlijk, zo het gesprek te leiden.
Het rechte stuk; flink optrekken!

Of ik volgende week weer ga sporten?
Ja; maandagavond.
O. Dan kan ik niet.
Volgende week? Dinsdagavond. "Misschien heb ik dan nog een gaatje....." zegt ze. AAarrrrhhhhgghhhaaah. .....in m'n agenda. Teaserbitch.
Dit gaat nergens meer over. En ik zweer je; ze voelt het gewoon.

Trekkend mondhoekje, kraaiepootje. Als achterin de dertig op veertig begint te lijken.... Dit vraagt om afstraffing. Afremmen voor de chicane.

chi·ca·ne (de ~, ~s)
1 kleingeestige aanmerking berustend op formaliteiten => haarkloverij
2 zeer scherpe bocht in een autocircuit


"Ben je nog meegeweest naar Choices, afgelopen vrijdag?" vraag ik haar.
Eeh uh, nee, ik had een afspraak.
Ik zoek verder.
Vuil hè, dat tapijt. (Of heb je het daarop gedaan met de huismeester?)
Stilte wordt mijn deel.
Was het gezellig? vraagt ze.
"Weet ik niet; ik was ook niet geweest, want ik had een andere afspraak".
40 jaar, en nog steeds blond. Ze snapt het gewoon niet.

Wanneer gaan jullie weer? vraagt ze.
Mijn god. daar kan je alles mee doen, als je wilt. Volgende week. Jan Willem gaat ook mee.
Haar pupillen worden nog wat kleiner.

En dan: de chicane, om te kijken of ze echt zo desperate is, of dat ze gewoon echt naïef is.
Wist je dat hij ook weer single is?
Niet teveel nadruk op ook.

Echt naïef dus. De glinstering in haar ogen vlak voordat ze haar mond open doet om antwoord te geven spreekt boekdelen.

Haar telefoon gaat voor ze antwoord kan geven, en ze neemt hem snel -ietwat hieper- op.
Ja, hallo, O, je komt? Leuk, nou tot dan!
Ze hangt op. Met een triomfantelijke blik gooit ze haar dunne haar achterin haar nek.

Misschien kom ik volgende week wel zegt ze. Het kost haar moeite om niet uit de hoogte te doen. Je doet maar.....
"Leuk". zeg ik.
Tot dan misschien kraait ze, terwijl ze wegloopt.
Met haar gedachten is ze heel ergens anders.
"Vergeet je lijstje niet!" schreeuw ik haar op de gang nog na. Ik krijg geen reactie meer.

Ik google nog wat voor ik naar huis ga ("tuin op je buik") om te kijken of ze echt wat afdrukt. Na een kwartier rolt haar lijstje uit de printer.
Tijd om naar huis te gaan.
De volgende ochtend ligt het lijstje nog steeds op de printer.

schreef Vilé om 01:57 PM [link]

Wednesday, January 7, 2004

Corpssex 3 "Marije"
Het gebeurde niet vaak dat je op slag verliefd was. Nou ja, het gebeurde elke donderdagavond en hoe meer bier erin zat hoe op slagder je verliefder was maar ik bedoel meer de volgende dag, dat je dan nog steeds op slag verliefd was.

Maar met Marije was het anders. Marije had een mysterieuze glimlach en lang glad glanzend zwart haar en Marije kwam uit het Oosten. Haar niet natuurlijke ouders hadden haar geadopteerd maar het mystieke Oosten bleef zichtbaar en voelbaar en oh wat was ze mooi. Ik was op slag verliefd.

De hele avond praatte ik met haar. Hoe meer bier erin zat hoe op slagder ik verliefd bleef en hoe meer ik vergat de 'Moeder van alle Vragen' te stellen.

Zo gebeurde het dat wij buiten stonden en er niets geregeld was en ze moest morgen vroeg weer op en we zouden elkaar nog wel zien en nou 'doei' dan.

Perplex en overmand door mijn mooie verliefde gevoelens was ik mijzelf de hele avond niet de baas geweest. Ik had mij laten leiden door respectvolle emoties van binnenuit. De geslachtelijke daad had niet op het puntje van mijn tong gelegen. En daarom stond ik nu dus lelijk in de regen. Alleen en verlaten in de kou en de weg naar huis was nog lang.

De hele week duurde lang want Marije zat in mijn hoofd. Marije uit het Oosten met haar lange gladde glanzende zwarte haar en haar mystieke glimlach. Marije was nu eens niet zo'n goedkope sociëteitssnol. Goed, die moesten er ook wezen maar Marije was toch van een trapje hoger. Donderdag zou ik haar weer zien, nam ik mij voor.

Al vroeg was ik in de sociëteit. Geen enkele kans wilde ik missen Marije tegen het lijf te lopen. Het grote gevaar echter in dit soort acties schuilt natuurlijk in het overmatige aantal uren dat ik in de sociëteit zou verpozen en daarmee het overmatige aantal bieren dat ik zou nuttigen. Bovendien stond met grote letters op mijn voorhoofd te lezen "Ga weg, ik ben niet op zoek naar jou maar op zoek naar die ene", en daarmee mijn scoringskansen allerminst verhogend.

De avond duurde lang en de avond was vruchtelozer dan ooit. Tot vrind Martijn mij een bier aanbood en vroeg of ik laatst nog geneukt had. Martijn wachtte mijn antwoord niet af en begon zijn verhaal over hoe hij vorige week een dame had ontmoet waarmee hij een vruchtvolle avond had beleefd en dat er zeker meer in het vat zat. Martijn vertelde over een kortstondige ontmoeting, op de vrouw af vragen c.q. vertellen hoe de vork in de steel stak en linea recta naar haar kamer vertrekken om vervolgens beestachtig tekeer te gaan. Later had ze verteld dat ze dit nooit eerder had gedaan maar nu ze het erover hadden dit toch nog eens zou willen meemaken. De dame had haar reserve huissleutel meegegeven met de mededeling dat hij 'any time' terug mocht komen. En wat zat hij hier nu te praten? Kom, we moeten gaan. Er is werk te doen.

Ik twijfelde geen moment aan het waarheidsgehalte van dit rap vertelde verhaal. Des te meer omdat Martijn mij uitnodigde stante pede naar deze dame af te reizen. Ik twijfelde echter of ik dit wel moest doen. Misschien zou ik Marije mislopen. Aan de andere kant was de avond al ver heen incluus mijzelf. Nu ik erover nadacht, realiseerde ik mij meer en meer dat het een verloren avond was en dat ik geen andere keuze had dan met Martijn mee te gaan.

Op de fiets door de stad vertelde Martijn mij wat ik moest doen, wilde ik nog sex hebben deze avond. Wij zouden het huis binnen gaan en ik zou mij verstoppen in de trapkast. Martijn zou de slaapkamer binnengaan, de dame wakker maken en haar binnen afzienbare tijd vertellen dat het wel gezellig was maar dat de noodzaak van het wassen van haar heuveltje zich nu rap aandiende. Daarna zou ik uit de trapkast komen en onder haar bed verdwijnen.

Een afgesproken teken zou veroorzaken dat ik vanonder bed zou kruipen en de dan op bed liggende dame gaan beffen. Daarna moest ik maar kijken wat ik met haar deed.

Het idee sprak mij buitengewoon aan maar was dit niet te hoog gegrepen? Het antwoord van Martijn was de retorische vraag of ik niet wilde neuken vanavond.

Daar steekt de sleutel in de buitendeur en de deur gaat open. Wij lopen op de tenen naar binnen en ik verberg mij achter de krakende deur onder de trap. Aan het einde van de gang piept een andere deur en Martijn is verdwenen. Ik bekijk alles vanuit een donker spleetje want ik hou de deur op een kier. Vijftien minuten later gaat de slaapkamerdeur weer open en ik zie een dame de gang doorkruisen richting badkamer. Een waterstraal verraadt activiteiten.

Op de tenen door de gang, een dikke vette knipoog van Martijn in een studentenkamer die inmiddels romantisch warm is van kaarslicht. Martijn zit met de schoenen uit in een short op een stoel naast het hoofdeinde van het bed. Ik kruip onder bed en wacht.

Gladde meisjesbenen lopen de kamer binnen. Ik zie tien schattige roodgelakte teentjes die vlak voor mijn neus halt houden. Mannengebrom en een nachtjaponnetje valt op de grond. De meisjesvoeten verdwijnen boven de bedrand en het matras veert door in mijn richting. Even is het stil, dan staat Martijn op en ook zijn short valt op de grond. Hij geeft het afgesproken teken en zegt "lang leve De Club".

Ik kom uit mijn schuilplaats en zie Martijn in spreidstand op het meisje zitten. Ik kan haar gezicht niet zien. Martijn duwt zijn lid in haar mond.
Ik val aan op haar heuvel en lik alsof mijn leven er vanaf hangt. Feitelijk doet het dat ook want een opgetrokken kniebeweging van haar tegen mijn gebit, indien niet gediend van mijn avances, en mijn tong wordt gekliefd door mijn eigen kaken. Het is een dimensie die ik tijdens het beffen niet eerder in die mate heb meegemaakt.

Wonderlijk genoeg voel ik vanaf het eerste moment medewerking en na korte tijd ontstaat een drie-eenheid. Het meisje kreunt heftig en aan haar bewegingen te voelen is zij hard op weg naar een orgasme. Mijn inschatting in deze is een juiste en als ik haar met moeite in bedwang kan houden om tot het laatst op haar knop te blijven zuigen, merk ik dat ook Martijn aardig op zijn knop gezogen wordt.

Met een wilde brul als een roofdier dat zijn prooi verslindt, luidt hij het begin in dat eindigt in haar keel, op haar tong en rond haar mondhoeken.
Martijn staat op, loopt de kamer uit en ik hoor de wc-deur bewegen.

Voor het eerst tijdens de menage met z'n drieen open ik mijn ogen, bang als ik ben in de ster van vrind Martijn te kijken. Ik kijk in het gezicht van een meisje met een mysterieuze glimlach en lang glad glanzend zwart haar.
Het meisje komt onmiskenbaar uit het Oosten en oh wat is ze mooi. Ik zou op slag verliefd kunnen worden, ware het niet dat resten van een geslachtsdaad het fijne gezichtje van Marije ontsieren.

schreef Kiers om 11:11 AM [link]

Tuesday, January 6, 2004

Goochelaar op zee
Een mooie baan. Mario had een mooie baan.
Een belangrijke rol in het entertainmentgebeuren op een cruiseschip. Niet zomaar een cruiseschip, maar het meest luxueuze cruiseschip van Europa.
Mario heette een goochelaar te zijn. Zelf noemde hij zich liever illusionist. Oké, het klinkt wat gezapig. Mario was dan ook een gezapige snuiter. Zijn grote voorbeeld was Hans Klok. Al zou hij ook graag in de voetsporen willen treden van de jongelingen van Kazan. Die hadden zo'n fijne assistente met wapperende mouwen waar duiven en konijnen uit floepten. In haar bevertje verdwijnen was wel een stille wens van Mario.

Enfin, hij verdient zijn broodwinning, kost en inwoning dus tussen de met goud en glitters behangen lagen van de cruisebevolking. De 'nouveau riche' en het lotto-plebs. Al meer dan twintig jaren met liefde. Totdat ruim een half jaar geleden de kapitein hem een papegaai schonk toen hij jubileerde. Oh, grutjes. Wat was hij dol op Wouter.

Wouter, zo noemde hij zijn papegaai. "Wouter! Wouter! Koppiekrauw!", klonk het regelmatig vanuit zijn hut met zeezicht. Elk optreden was Wouter van de partij. Op een ebbehouten stok nam hij positie. Centraal op het podium zodat de allerkleinste etterbakken van de cruise-opvaarders ook plezier beleefden aan zijn optredens. Tussen het kwijlen en volschijten van luiers door.
Daar is het allemaal mee begonnen. Met de komst die vogel.

Zeven dagen per week, twee keer per avond dezelfde show. Dat begon de papegaai stierlijk te vervelen. Met zijn snavel en zijn kleine elastische tongetje schoot hij pinda's het publiek in en schaterde dan op zijn eigen papegaaienmanier om de gezichten van de toeschouwers. Hij begon te praten en te fluiten, dwars door de act van Mario. Het publiek vond het fantastisch. Mario was minder te spreken.

Mario kreeg in het snotje dat het publiek niet langer voor zijn illusionaire kunsten kwam opdraven.
"Heb je die papegaai al gezien?", klonk het in de foyers.
Daarom voerde hij in de avonden die volgden een kleine wijziging op. Hij ging zijn papegaai betrekken in de show. Actieve deelname.
Doormiddenzagen, wegtoveren, verpulveren tot een bosje bontgekleurde veren... Het publiek werd dolenthousiast.

De papegaai was minder te spreken.
"Heb je die vloekende papegaai al gezien?", klonk het in de foyers.

Enfin, zo werd er een keer of veertig door de Cariben gevaren, totdat een lumineuze ingeving zich van de papegaai meester maakte.

"Dat konijn zit in zijn mouwen"
"Hee, een spiegel"
"Joehoe, achter die zwarte doek zit ik"
"Auw, ik sta in brand. Nèt echt."

Het publiek, overmand door het 'Tommy Cooper'-gevoel, bezeek de pluche fauteuils op het bomvolle dek. Zij gierden het uit van pret en jolijt.
Tot verdriet van Mario. Zijn artiestenhart deed pijn. Zijn papegaai stal de show, en hij was het kneusje van de avond. Elke avond. Zeven avonden per week. Twee keer per avond.

Maar wat kon hij doen? De papegaai was inmiddels verworden tot de mascotte van het schip. De lieveling van het publiek. Het logo van de rederij was al gerestyled naar zijn snaveldragende beeltenis. Mario woelde elke nacht, na een avond vol afgang en artiestenverdriet. Maar toen hij na enkele maanden eindelijk berusting in zijn oude lijf voelde, keerde het tij.

Op een donkere, in slaap verzonken nacht, brak brand uit in de machinekamer. Het vuur greep als een dolle duivel om zich heen en binnen tien minuten likten de vlammen het schip de diepte in.
Elke ziel aan boord vond een zeemansgraf. Op de goochelaar en zijn papegaai na.

Drie lange dagen en nachten dreven ze rond op een houten vlot. De dood dreef mee en de lucht betrok toen de papegaai, mank en met verschroeid verendek, toenadering zocht tot Mario.
Met gefluisterde overgave zei hij tot de goochelaar:

'Ok, ik geef het op. Waar heb je het schip gelaten?'

schreef bicat om 03:58 PM [link]

Monday, January 5, 2004

Aleida
God houdt van je zoals je bent, Aleida. Godt houdt namelijk van iedereen. Ook van hen die zijn bestaan in twijfel trekken. God houdt van jou. God houdt van mij. Ook al lijkt het alsof hij mij verlaten heeft. Aleida. Zit stil. Laat mijn hand over je gezicht glijden. Er is geen manier voorhanden om ons uit elkaar te blijven houden.

Nee. Ik praat niet direct tot je. Maar via de koele januari-wind. Mijn stem wordt gedragen. Ik fietste vroeger altijd langs je huis, achterop de bagagedrager zittend, en ik stel me nu voor dat jij hier bij me bent. Langzaam snuif ik je lucht op.

Het maanlicht scheert over je huid. Je bent niet knap. Een huis-tuin-en-keuken-schoonheid meer. Je melkbleke huid steekt enorm af tegen je robijnrode lippen. Je ogen puilen uit, en je mond vertoont tekenen van een vroegere schisis-behandeling.

Je weet het, je bent nooit mooi gevonden. De jongens van de land-en-tuinbouwschool zagen je niet staan. Later toen je elke zaterdagavond uitging met je vriendin Brigitte liepen de jongens altijd op haar af. Jou zagen ze niet.
Hoe vaak ben je niet bijna huilend naar de toiletten gevlucht. Zogenaamd om je te verschonen. Of je maag speelde weer op. Alsof Brigitte je niet doorhad. Maar ze deed niets. Niemand deed wat.
Je moest het alleen doen.
Je hebt het altijd al alleen gedaan.
Je wenkbrauwen zijn enkel nog dunne lijntjes verf.

Aleida.
Ik vond je al heel lang bijzonder. Er is iets in je blik.
Toen onze blikvelden elkaar op een oersaaie lesmiddag kruisten zag ik het meteen. Jij wendde je hoofd af. Omlaag.
Sinds dat moment bleef ik aan je denken, Aleida. Overal waar ik kwam. Bij alles wat ik deed. Dat is nooit veranderd. Ook 'daarna' niet.

Straks gaat het gebeuren. Het is zaterdagavond. De plaatselijke jeugd, ik herken de gezichten maar de namen zijn me onbekend. Ik zie ze op de dansvloer en rond de bar hangen. In enkele uren zie ik ze verroezen. Jouw gezicht springt er tussenuit. Brigitte is nu ook weer bij je.

En het gaat weer zoals altijd.
Een jongen met donkere oogopslag en respectabele borstkas komt op jullie af. Nee, hij komt op Brigitte af. En net als vorige keren zakt je kin weer naar je borst. Je maag verkrampt en je vlucht richting toiletten. Daar blijf je een half uur huilend zitten. Brigitte is dan alweer vertrokken met haar nieuwe aanwinst voor een nacht.

Je armen hangen langs je lichaam als je mij passeert.

"Aleida...ken je me nog...", ik houd je aan. Je blijft voor me staan en kijkt verbaasd. Ben je geschrokken?
-"Wacht even hoor. Dit.... dit is lang geleden. Help me even"
"Examenjaar '97. Het Thorbecke-college.". Het kost me geen moeite om mijn zenuwen de baas te blijven.
Aleida houdt haar hoofd schuin en haar ogen draaien naar het plafond.

Het bloed verdwijnt opeens uit haar wangen.
-"Nee. Ik ken je niet. Maar ik moet gaan. D..doeg", en ze weet niet hoe snel ze moet omdraaien richting de uitgang.

Ik heb het examenjaar niet mogen afmaken. Deskundigen waren het unaniem eens dat terugkeer in de groep tè gevoelig zou liggen na wat er gebeurd was. Het is nu ook de eerste keer dat ik Aleida terugzie. Van zo dichtbij, althans.
Ik haal mijn jas op.

'Vanaf hier red je het verder wel, hè?", vraagt de portier.
Ik knik en plaats mijn kin op het stuurwiel terwijl ik langzaam de snelheid opvoer.

schreef bicat om 04:26 PM [link]




huiswaarts huiswaarts vroeger mailtje sturen


-bicat- !

Kritieken worden pas waardevol wanneer u zelf een duit in het vuighe zakje doet.
Inspiratie? Mailen maar.
Onvuighe inzendingen worden zomaar geweigerd. Met of zonder reden.
(?)